Je eerstvolgende reguliere audit na 31 augustus 2026 is je transitie-audit naar BRL 100 v3.0. De auditor beoordeelt je operationele processen en de toepassing daarvan: je kwaliteitshandboek, je persoonscertificaten per deelgebied, je gekalibreerde meetapparatuur en je vastgelegde koudemiddelstromen.
7 min leestijd
Er komt een mail van je certificerende instelling met een datum erin. Dezelfde audit als altijd, dezelfde cyclus, alleen staat er nu het woord "transitie" bij.
Dat woord laat het klinken als iets extra's.
Dat is het niet. Het is je gewone reguliere audit. Omdat hij na 31 augustus 2026 valt, wordt hij beoordeeld tegen versie 3.0 van de BRL 100 in plaats van tegen versie 2.0.
Geen tweede beoordeling, geen nieuwe initiële audit, geen verplichte extra inspectie binnen zes maanden. Wel een andere meetlat.
En die meetlat ligt vooral bij de papieren kant.
Wanneer valt jouw transitie-audit?
De data staan vast en ze zijn openbaar.
BRL 100 versie 3.0 is op 5 december 2025 vastgesteld en is op 31 augustus 2026 formeel in werking getreden. Tot die datum mochten certificerende instellingen alleen nog onder versie 2.0 auditen.
Vanaf dat moment geldt: de eerstvolgende reguliere audit van een bestaande certificaathouder wordt uitgevoerd als transitie-audit, voor het volledige certificaat.
Versie 2.0 vervalt per 31 augustus 2028. Er is een uiterste hersteltermijn tot 30 november 2028 voor bedrijven die dan nog tekortkomingen aan het oplossen zijn.
Wat dat voor jou betekent, hangt dus volledig aan je eigen auditmoment. Kiwa houdt periodieke inspecties aan van minimaal eens per 24 maanden. Was je laatste audit in het voorjaar van 2026, dan kan je transitie-audit pas in 2028 vallen. Was hij in het najaar van 2026, dan zit je er nu middenin.
Kijk dus niet naar de landelijke einddatum maar naar je eigen contract met je CI. Dat is het enige getal dat telt.
Wat is er in versie 3.0 veranderd?
Vier dingen, en ze verbreden allemaal je scope.
De certificering is opgesplitst in deelgebieden. Deelgebied I is F-gassen en koolwaterstoffen, II is CO₂, III is NH₃. Op je certificaat staat straks per deelgebied waarvoor je gecertificeerd bent, en je medewerkers moeten voor de juiste deelgebieden gecertificeerd zijn.
Natuurlijke koudemiddelen vallen er nu onder. Propaan, isobutaan, CO₂ en ammoniak. Wie ervan uitging dat die buiten de richtlijn vielen, moet dat herzien.
Mobiele apparatuur is toegevoegd. Lichte koelvoertuigen, reefers en gekoelde treinwagons vallen nu onder BRL 100. Voor bedrijven in transportkoeling is dat compleet nieuw terrein.
De veiligheidseisen zijn aangescherpt. Bij brandbare, verstikkende of giftige koudemiddelen is een taak-risicoanalyse verplicht. Bij brandbare koudemiddelen komt daar onder ATEX een explosieveiligheidsdocument bij. De eisen sluiten aan op PGS 13, NPR 7600 en NPR 7601.
Merk op wat hier niet staat. Er verandert niets aan hoe je een installatie vult of leegzuigt. Je monteur doet zijn werk morgen precies zoals vandaag.
Wat verandert, is over hoeveel installaties en hoeveel stoffen je moet kunnen aantonen dat je het goed hebt gedaan.
Wat vraagt de auditor op?
De certificerende instellingen zijn hier redelijk expliciet over. Kiwa beoordeelt vier blokken: je kwaliteitssysteem, je personeel en hun persoonscertificaten, je gereedschap en de kalibratie daarvan, en je registraties en administratie. Het Informatiepunt Leefomgeving noemt voor gecertificeerde ondernemingen dezelfde kern: voldoende gecertificeerd personeel met BRL 200-certificaten, onderhoud en kalibratie van meetapparatuur, en vastlegging van koudemiddelstromen en lekkagepreventie.
Bij een transitie-audit worden je operationele processen beoordeeld, en de toepassing daarvan. Die tweede helft is waar het schuurt. Een procedure die klopt maar die in de praktijk niet gevolgd wordt, is geen procedure.
Hieronder wat dat concreet betekent. De middelste kolom komt uit wat de CI's publiceren, de rechterkolom is onze eigen waarneming uit de praktijk.
| Wat de auditor wil zien | Waar hij naar kijkt | Waar het meestal knelt |
|---|---|---|
Kwaliteitshandboek | procedures en werkinstructies, bijgewerkt naar v3.0 | het handboek is bijgewerkt, de werkvloer niet |
Persoonscertificaten | geldige BRL 200-certificaten voor de juiste deelgebieden | monteur werkt aan CO₂ of propaan zonder certificaat voor dat deelgebied |
Gereedschap | onderhoud en kalibratie van meetapparatuur | weegschaal en lekdetectie wel aanwezig, kalibratiebewijs zoek |
Koudemiddelstromen | vastlegging van in- en uitgaande hoeveelheden per installatie | voorraad en registratie lopen uiteen, verschil niet verklaarbaar |
Lekcontroles | uitgevoerd op de juiste frequentie, met resultaat | controle is gedaan, het resultaat is nergens vastgelegd |
Terugwinning en afvoer | wat is teruggewonnen en waar het heen ging | recuperatiefles staat er nog, de boeking ontbreekt |
Toepassing in de praktijk | steekproef op een willekeurige klus uit het afgelopen jaar | de klus is te vinden, de onderbouwing eronder niet |
Wat een auditor opvraagt bij een transitie-audit BRL 100 v3.0. De rechterkolom is onze eigen waarneming en geen bron.
Die laatste regel is de belangrijkste. Een auditor toetst zelden je hele jaar. Hij pakt een paar registraties en gaat daar doorheen tot hij bij de bron is.
Waarom struikelen bedrijven op de administratie en niet op de techniek?
Omdat de techniek gewoon goed is.
Vraag een willekeurige gecertificeerde monteur hoe hij een lekcontrole uitvoert en je krijgt een correct antwoord. Vraag hem waar de registratie van de controle van 14 maart staat en het wordt stiller.
En dat is het punt. Versie 3.0 vraagt niet dat je beter gaat koelen. Het vraagt dat je over meer installaties, meer koudemiddelen en meer soorten apparatuur kunt aantonen wat er gebeurd is.
Aantonen is iets anders dan gedaan hebben.
Als je registratie ontstaat op kantoor, dagen na de klus, uit een werkbon en een herinnering, dan is de afstand tussen doen en vastleggen de plek waar je audit het moeilijk krijgt. Niet omdat er slecht gewerkt is, maar omdat het bewijs pas achteraf is gemaakt. Meer daarover in de auditweek en in de zeven plekken waar je koudemiddelbalans misgaat.
Met een bredere scope wordt die afstand duurder. Je trekt niet meer één administratie recht, maar drie deelgebieden.
Wat doe je de komende weken?
Vier dingen, in deze volgorde.
Zoek je auditdatum op. Niet schatten. Bel je CI als je hem niet paraat hebt. Alles hierna hangt aan dat ene getal.
Bepaal in welke deelgebieden je werkt. Ook in de gebieden waar je "af en toe" iets doet. Een enkele propaaninstallatie of een CO₂-koelcel zet je in deelgebied I of II, en dan moet er ook iemand gecertificeerd zijn.
Loop je persoonscertificaten na tegen die deelgebieden. Dit is het onderdeel met de langste doorlooptijd, want een aanvullend certificaat regel je niet in een week.
Trek één willekeurige klus van drie maanden geleden helemaal open. Welk middel, hoeveel, uit welke fles, wie deed het, met welk certificaatnummer, is het gewogen, waar staat het resultaat van de lekcontrole. Kom je er in tien minuten uit, dan ben je klaar voor de steekproef. Kom je er niet uit, dan weet je nu wat je te doen staat en niet pas in de week voor de audit.
Wat de auditor uiteindelijk beoordeelt, is niet of je je best hebt gedaan. Het is of je het kunt laten zien.
Hoeveel tijd zou het je vandaag kosten om die ene klus van drie maanden geleden compleet op tafel te leggen?
Bronnen: Kiwa over de tijdlijn en de wijzigingen van BRL 100 versie 3.0, en het Informatiepunt Leefomgeving over de overgangsregeling en de eisen aan gecertificeerde ondernemingen. Geraadpleegd op 16 september 2026. De kolom "waar het meestal knelt" is onze eigen waarneming en geen bron. Dit artikel is geen certificeringsadvies; voor je eigen situatie is je certificerende instelling leidend.
Veelgestelde vragen
Beginnen kost niets. Wachten wel.
Probeer Coolproof dertig dagen gratis. Zie zelf hoe snel je registratie overzichtelijk en controleklaar wordt.
Start 30 dagen gratis →