Nog 886 dagen tot einddeadline hercertificering · 12 maart 202930 dagen gratis starten →

Lekcontrole: hoe vaak is die verplicht bij jouw installatie

Lekcontrole: hoe vaak is die verplicht bij jouw installatie

Vanaf 5 ton CO₂-equivalent uit bijlage I of 1 kg uit bijlage II deel 1 moet je installatie op lekkage worden gecontroleerd. Tot 50 ton is dat elke twaalf maanden, vanaf 50 ton elke zes, vanaf 500 ton elke drie. Met een lekdetectiesysteem mag het halve tempo.

6 min leestijd

Twee installaties bij dezelfde klant. Dezelfde ruimte, hetzelfde bouwjaar, ongeveer dezelfde afmeting.

De ene moet één keer per jaar gecontroleerd worden, de andere vier keer.

Dat verschil zit niet in de installatie. Het zit in de inhoud, en die reken je niet in kilo's maar in ton CO₂-equivalent.

Wanneer is een lekcontrole verplicht?

Artikel 5 van Verordening (EU) 2024/573 legt de plicht bij de exploitant, en de drempel is dubbel geformuleerd.

De controle is verplicht bij apparatuur die "5 ton of meer CO₂-equivalent van de in bijlage I vermelde gefluoreerde broeikasgassen bevat, of 1 kg of meer van de in deel 1 van bijlage II" vermelde gassen, mits die niet in schuimen zijn opgenomen.

Dat tweede deel is nieuw ten opzichte van de oude verordening. Bijlage II deel 1 gaat over de onverzadigde verbindingen, de HFO's. Die hebben een laag GWP, dus in ton CO₂-equivalent kwamen ze nooit boven een drempel uit. Daarom staat er nu een grens in kilogrammen naast.

De apparatuur waar het om gaat, staat in lid 2: koelapparatuur, klimaatregelingsapparatuur, warmtepompen, brandbeveiligingsapparatuur, organische rankinecycli en elektrische schakelinrichtingen.

De controle mag alleen worden uitgevoerd door een natuurlijke persoon die gecertificeerd is overeenkomstig artikel 10. Welk certificaat bij welk koudemiddel hoort, staat in BRL 100 deelgebieden I, II en III.

Hoe vaak moet je controleren?

Drie drempels, drie frequenties, en allemaal de helft zo vaak als er een lekdetectiesysteem hangt.

Inhoud, bijlage IInhoud, bijlage II deel 1Zonder lekdetectiesysteemMet lekdetectiesysteem
5 tot 50 ton CO₂-equivalent
1 tot 10 kg
elke 12 maanden
elke 24 maanden
50 tot 500 ton CO₂-equivalent
10 tot 100 kg
elke 6 maanden
elke 12 maanden
500 ton CO₂-equivalent of meer
100 kg of meer
elke 3 maanden
elke 6 maanden

Controlefrequenties volgens artikel 5 van Verordening (EU) 2024/573. Voor stationaire apparatuur uit artikel 5 lid 2 onder a tot en met d is vanaf 500 ton CO₂-equivalent of 100 kg een lekdetectiesysteem zelf ook verplicht (artikel 6).

Die laatste regel is belangrijker dan hij lijkt. Boven de 500 ton kies je niet tussen vier keer per jaar en twee keer per jaar met detectie. Het systeem is dan verplicht, en dan is twee keer per jaar de uitkomst.

De werking van dat lekdetectiesysteem moet zelf ook gecontroleerd worden. Dat is dus een tweede terugkerende verplichting naast de lekcontrole.

Welke apparatuur is vrijgesteld?

Vier categorieën, met harde drempels.

Hermetisch afgesloten apparatuur is vrijgesteld bij minder dan 10 ton CO₂-equivalent van de in bijlage I vermelde gassen, of minder dan 2 kg van de in deel 1 van bijlage II vermelde gassen.

Apparatuur in woongebouwen is vrijgesteld bij minder dan 3 kg gefluoreerde broeikasgassen.

Elektrische schakelinrichtingen zijn vrijgesteld bij een getest lekkagepercentage van minder dan 0,1 procent per jaar, bij online monitoring met een automatisch waarschuwingssysteem, of bij minder dan 6 kg van de in bijlage I vermelde gassen.

Mobiele apparatuur heeft uitstel. Tot 12 maart 2027 zijn lid 1 en lid 6 van artikel 5 niet van toepassing op exploitanten van mobiele apparatuur. Dat is de datum om in je planning te zetten als je koelwagens of gekoelde containers onderhoudt.

Let op het woord "hermetisch". Dat is een technische kwalificatie van de apparatuur, geen omschrijving van hoe goed hij dichtzit. Als je niet zeker weet of een unit als hermetisch afgesloten geldt, is dat een vraag aan de fabrikant en niet aan de monteur ter plaatse.

Hoe reken je kilo's om naar ton CO₂-equivalent?

De rekensom zelf is simpel: kilogrammen maal GWP, gedeeld door duizend, geeft ton CO₂-equivalent.

De vangst zit in het GWP. Voor een mengsel staat er geen vast getal in de bijlagen. Artikel 3 lid 1 verwijst voor mengsels naar bijlage VI, waar het GWP uit de samenstelling wordt berekend. Neem het dus uit de verordening of uit een bron die daarnaar verwijst, en niet uit een oud datasheet.

Om een gevoel te geven wat de drempels in kilo's betekenen, drie GWP-niveaus doorgerekend. Dit is onze eigen rekensom, geen tabel uit de verordening:

  • Bij een GWP van 500 zit je op 5 ton bij 10 kg, op 50 ton bij 100 kg en op 500 ton bij 1.000 kg.

  • Bij een GWP van 1.000 zit je op 5 ton bij 5 kg, op 50 ton bij 50 kg en op 500 ton bij 500 kg.

  • Bij een GWP van 2.000 zit je op 5 ton bij 2,5 kg, op 50 ton bij 25 kg en op 500 ton bij 250 kg.

En dat is het punt. Bij een hoog GWP schuif je twee drempels op zonder dat er één kilo bij komt.

Een installatie met 30 kg van een middel met GWP 2.000 zit op 60 ton en moet elk half jaar gecontroleerd worden. Diezelfde 30 kg van een middel met GWP 500 komt op 15 ton en mag jaarlijks.

Dat maakt een ombouw naar een middel met lager GWP niet alleen een inkoopkwestie. Het verandert je onderhoudsplanning. Voor de drempels bij de nieuwere middelen: R-454B en de controledrempels.

Wat moet er na een reparatie gebeuren?

Een reparatie is niet af als het lek dicht is.

Na de reparatie moet er opnieuw gecontroleerd worden door een overeenkomstig artikel 10 gecertificeerde natuurlijke persoon. Die hercontrole vindt plaats nadat een bedrijfstijd van 24 uur is verstreken, en in elk geval binnen één maand na de reparatie.

Het Informatiepunt Leefomgeving vat het zo samen: "Deze controle moet na minimaal 24 uur en maximaal een maand plaatsvinden."

Die 24 uur is geen wachttijd om de administratie bij te werken. Het is de tijd die de installatie nodig heeft om te laten zien of de reparatie houdt onder druk.

Voor mobiele apparatuur geldt een uitzondering: daar kan direct na de reparatie worden gecontroleerd.

Wat je van die controle vastlegt, staat in artikel 7 lid 1: de data en uitkomsten van de lekcontroles en de resultaten van de reparaties, te bewaren gedurende ten minste vijf jaar. Meer daarover in F-gassen logboek: wat moet erin staan.

Wat doe je deze week?

Twee dingen, en het eerste is een lijstje.

Zet achter elke installatie in je bestand de inhoud in ton CO₂-equivalent, niet in kilo's. Kilo's zeggen niets over je controleplicht. Doe het met het GWP uit de verordening, niet uit je hoofd.

De uitkomst is een indeling in vier groepen: vrijgesteld, jaarlijks, halfjaarlijks, driemaandelijks. Dat is je onderhoudsplanning voor volgend jaar.

Kijk welke installaties boven de 500 ton zitten en of daar een lekdetectiesysteem hangt. Zit het er, dan halveert je controlefrequentie. Zit het er niet, dan heb je twee openstaande verplichtingen in plaats van één.

De data van die controles horen vervolgens in het logboek, en de kilo's die eruit komen in je koudemiddelbalans. Een lekcontrole die wel is uitgevoerd maar niet is vastgelegd, bestaat voor een auditor niet.

Weet je van elke installatie in je bestand het CO₂-equivalent, of alleen het aantal kilo's?

Bronnen: Verordening (EU) 2024/573, artikel 5, 6 en 7; Informatiepunt Leefomgeving, gevolgen herziening F-gassenverordening voor installateurs; Informatiepunt Leefomgeving, gevolgen voor eigenaren en exploitanten; Informatiepunt Leefomgeving, de nieuwe F-gassenverordening. Geraadpleegd op 30 september 2026. De omrekening van GWP naar kilo's bij de drempels is onze eigen rekensom en geen tabel uit de verordening. Voor je eigen installatiebestand is je certificerende instelling of bevoegde autoriteit leidend.

Veelgestelde vragen

Ja. Verordening (EU) 2024/573 trekt de plicht door naar de gassen uit bijlage II deel 1, met een drempel in kilogrammen: vanaf 1 kg of meer. De frequenties lopen daar via 1 tot 10 kg, 10 tot 100 kg en 100 kg of meer.

Alleen als je een natuurlijke persoon bent die gecertificeerd is overeenkomstig artikel 10 van de verordening. Voor mobiele apparatuur uit artikel 5 lid 3 onder c geldt een lichtere eis, namelijk ten minste een opleidingsattest.

Apparatuur in woongebouwen die hermetisch is afgesloten en minder dan 3 kg gefluoreerde broeikasgassen bevat, is vrijgesteld van de lekcontroleplicht.

Tot 12 maart 2027 zijn lid 1 en lid 6 van artikel 5 niet van toepassing op exploitanten van mobiele apparatuur. Na die datum vallen ze onder dezelfde systematiek.

Artikel 7 lid 1 noemt onder meer de data en uitkomsten van de lekcontroles en de resultaten van de reparaties. Die gegevens moeten ten minste vijf jaar bewaard blijven, en de uitvoerende onderneming bewaart daarvan ook een kopie.

Ja, artikel 5 verdubbelt het interval bij een geinstalleerd lekdetectiesysteem: 24, 12 of 6 maanden in plaats van 12, 6 of 3. Daar komt wel de verplichting bij om de goede werking van dat systeem zelf te controleren.

Beginnen kost niets. Wachten wel.

Probeer Coolproof dertig dagen gratis. Zie zelf hoe snel je registratie overzichtelijk en controleklaar wordt.

Start 30 dagen gratis →

© 2026 Coolproof by 11Effect · Koudemiddelregistratie voor installateurs